CEO’s van de Europese auto-industrie, verenigd in de ACEA, spraken met de Europese Commissie over de toekomst. Hun boodschap: zonder inzet van de politiek komt Europa niet vooruit. Volgens ACEA zijn minder regels en meer laadinfrastructuur nodig.
“De Europese auto-industrie heeft zich volledig gecommitteerd aan de overstap naar emissievrije mobiliteit. Maar dit kan alleen slagen als het een marktgestuurde verandering is, waarbij vraag en aanbod in balans zijn. Het nieuwe Actieplan moet dat als uitgangspunt nemen”, stelt Ola Källenius, CEO van Mercedes-Benz en President van de ACEA. Volgens hem hangt het succes van de energietransitie niet alleen af van de beschikbaarheid van de voertuigen, maar ook van alle randvoorwaarden zoals laadinfrastructuur.
Christian Leven, CEO van Traton en vertegenwoordiger van de Europese bedrijfswagenfabrikanten, had dezelfde boodschap aan Ursula von der Leijen, voorzitter van de Europese Commissie. “Fabrikanten van bedrijfsvoertuigen spraken hun steun uit voor ambitieuze klimaatdoelstellingen, maar onderstreepten dat doelstellingen alleen niet voldoende zijn. Een snelle uitrol van de infrastructuur en andere randvoorwaarden, zoals verlaging van de totale eigendomskosten (TCO) en maatregelen aan de vraagzijde, zijn essentieel.”
Volgens de ACEA remmen het gebrek aan goede laadinfrastructuur, de Europese bureaucratie en de enorme regeldruk de ontwikkelingen. Bedrijven en burgers stappen alleen over naar duurzame mobiliteit als zij hierdoor niet achteruit gaan in gebruiksgemak en kosten. Voor de politiek ligt hier nog een belangrijke taak, stelt ACEA. Alleen dan is er zicht op een sterke Europese auto-industrie.