Het schiet nog niet echt op met de elektrische vrachtwagen. Vrachtwagenfabrikanten, verenigd in lobby-organisatie ACEA, vrezen hoge boetes als zij de CO2-verplichtingen niet halen. De nood is zo hoog, dat ACEA nu pleit voor een verhoging van de dieselprijs.
Miljardenboetes hangen de vrachtwagenindustrie als het zwaard van Damocles boven het hoofd. Als de vrachtwagens die zij verkopen samen teveel CO2-uitstoten, dan volgen enorme boetes vanuit de Europese Unie. Ondanks het ondertussen enorme aanbod van zero-emissie opties, blijft de dieselvrachtwagens onverminderd de meest populaire optie onder klanten. Boetes dreigen, en als een kat in het nauw maakt de industrie gekke sprongen.
ACEA pleit daarom bij de Europese Unie voor een verhoging van de dieselprijs. Op die manier worden dieselvrachtwagens minder populair. Nu nog heeft meer dan 90 procent van de nieuwe vrachtwagens een dieselmotor. Alleen door die optie minder aantrekkelijk te maken, kan de elektrische vrachtwagen opkomen, stelt de ACEA. Daarbij moet ook fors geïnvesteerd worden in infrastructuur natuurlijk, want het gebrek hieraan remt de verkoop van zero-emissie vrachtwagens enorm.
Alleen het bevorderen van elektrische vrachtwagens is niet meer voldoende, meent ACEA in zijn laatste oproep. De EU moet ook de dieselvrachtwagen actief minder interessant maken. Een verhoging van de dieselprijs is dan een pijnlijke maar noodzakelijke maatregel. Alles is beter dan de miljardenboetes.