Langer wachten op een container

Kees Groenenboom is gepokt en gemazeld in het containervervoer. Hij had al snel door dat om een deugdelijk rendement te maken, het rijden van A naar B met containers niet volstaat. Om die reden verrees aan de oostkant van Ridderkerk een containerterminal van het bedrijf.

Groenenboom volgt de gang van zaken in de Rotterdamse haven natuurlijk nauwgezet. Zeker, het is hem opgevallen dat vrijwel geen containerschip afkomstig uit het oosten meer op tijd vaart. Dit nog afgezien van het drama onlangs met de Ever Given. Hoe dan ook, vrachtwagens in de Rotterdamse haven moeten langer wachten op hun lading. “Het bevestigt andermaal waarom we destijds voor een eigen terminal hebben besloten. We zitten direct aan de Noord die de Oude en Nieuwe Maas met elkaar verbindt en ook bijvoorbeeld toegang geeft tot de Lek. Containers overslaan op binnenschepen is heel gewoon, en dat is waar wij voordeel mee proberen te halen. Er gaat minder tijd verloren en het is hier op onze terminal heel eenvoudig rond rijden. Er is voldoende ruimte en we hebben het geheel mooi compact gehouden.” 

Groenenboom verwacht dat de malaise in containerland nog wel het hele jaar zal aanhouden. “De terminals puilen uit van de containers. Het is geen wonder dat er soms maar beperkt vrachtwagens kunnen worden toegelaten. Er moet strak gepland worden”, zegt hij. Groenenboom heeft niet de indruk dat veel containers op de terminals leeg zijn. “Er is nu onbalans in de keten. Een situatie die zich niet een, twee, drie laat oplossen.”

Meer factoren

Er zijn volgens Groenenboom meer factoren die het werken in het containervervoer onder druk zetten. “Er is duidelijk meer concurrentie op de weg. Zoveel meer, dat het allemaal erg scherp moet kloppen qua tijd en rijtijd, anders wordt het verdienmodel al onaantrekkelijk. Wij zijn in 2009 begonnen met de eigen terminal en kunnen dus als een van de weinigen onze klanten het complete afhandeltraject bieden, waar het daadwerkelijke rijden natuurlijk maar een deel van uitmaakt. Hier hebben we de nodige klanten voor en dat maakt dat we ons werk nog goed kunnen doen”, legt hij uit. 

Maar er zijn meer bedreigingen. “Er is duidelijk een opmars te zien van buitenlandse, lees: Oost-Europese bedrijven die ook hun graantjes meepikken uit de containerruif. Dat heeft een slechte uitwerking op de ritprijs. Nu zijn er zeker bij ons nog ruim voldoende klanten die het niet pikken wanneer de chauffeur geen Nederlands of Engels spreekt. Of wanneer er wordt voorgereden in een truck die niet meer zo fraai is en die eigenlijk eerst de werkplaats in moet. Maar het gebeurt intussen wel, en dat is toch zorgelijk.” 

Het onderhoud is volledig in eigen beheer. Ook containerchassis onderhoudt Groenenboom zelf.
Sinds 2009 kan Groenenboom zelf containers van schepen halen en overslaan.
Er wordt met meerdere merken gereden, maar Scania vormt de hoofdmoot.

Nederland moet in de ogen van Groenenboom zuinig zijn op de havens en dienstverlening, wat een mooie bron van werkgelegenheid is. “Zo’n groot containerschip kan hier mooi aanmeren, maar wanneer de afhandeling niet naar volle tevredenheid van de klant is, dan is het maar een klein stukje doorvaren naar de havens van Hamburg of Bremerhaven. Dat is zeker een risico. Het is daarom zaak dat je als haven niet te duur wordt en dat je snelle verbindingen hebt met het achterland. Daarin zijn wij een klein maar effectief radertje.”

Groenenboom erkent dat er vanuit Nederland onvoldoende aanwas is van nieuwe chauffeurs. “De tijd dat jongeren aan de deur staan te springen om hier te komen werken is voorbij.” Toch lukt het nog om de trucks op de weg te houden: “Onlangs hebben we twee chauffeurs aangenomen die rond de vijftig jaar zijn. Die vinden het niet erg om op zondagavond te vertrekken als dat een keer moet. Ze zijn goed voor hun materieel en behalen een netjes verbruik.” Voor het kortere werk maakt Groenenboom zelfs gebruik van enkele 70-plussers. “Anders zitten ze toch maar thuis en nu doen ze af en toe een binnenlandritje. Ze werken door, zeuren niet en ze rijden vrijwel schadevrij, ze hebben alles al meegemaakt en gezien. Ze hebben het gevoel dat dit gezonder voor ze is dan thuis blijven zitten.”

Eigen beheer

Ook het wagenpark heeft Groenenboom in eigen beheer. Alle onderhoud wordt in een complete eigen werkplaats uitgevoerd waar ook nog een wasstraat bij zit, op anderhalve kilometer van de containerterminal. De vloot omvat 37 trucks waarbij er met drie merken wordt gereden: DAF, Scania en Volvo. De elektronica van deze trucks wordt uitgelezen met behulp van Texa-apparatuur. In de regel verwachten de beide monteurs van Groenenboom dat elke truck elk kwartaal even een inspectie krijgt. Bovendien gaat elke truck op zaterdagochtend door de wasstraat. “We werken het liefst met originele onderdelen en met A-kwaliteit banden zoals van Michelin.” 

Groenenboom weet dat Scania er met 90.000 kilometer er een relatief conservatief onderhoudsbeleid op na houdt. “Als je het mij vraagt is het brandstoffilter bij Scania aan de kleine kant. Daar moet alle diesel doorheen om die grote V8 aan de gang te houden. Maar de kwaliteit van diesel is er niet op vooruit gegaan, vanwege allerlei milieu-gerelateerde maatregelen. We vervangen dus vrijwel altijd even het brandstoffilter.” 

Ook met olie is Groenenboom voorzichtig, er wordt voor diverse trucks met diverse oliën gewerkt. Tot slot doet het bedrijf ook alle banden zelf. “Daarvoor hebben we een bandenapparaat van Sice. Door dit zo te doen, kunnen we het materieel behoorlijk lang op de weg houden. We hebben nog enkele Euro 5 trucks in de vloot, waar niets mee mis is.” Uit het gesprek blijkt een lichte voorkeur voor Scania, een merk waarvan hij ook diverse exemplaren met de onder chauffeurs populaire V8-motor in de vloot heeft. Dat gezegd hebbende en hoewel hij tevreden is over de nieuwe Scania’s, is ook Groenenboom heel benieuwd met welk nieuws DAF gaat komen in de loop van dit jaar.

Puur familiebedrijf

De vader van Kees begon met het bedrijf in 1961. Na het melk rijden verschenen de eerste containers in de Rotterdamse haven en Groenenboom senior pakte de draad daarmee snel op. Zoon Kees kwam in de zaak en hij runt een en ander nu samen met zijn vrouw, zoon en dochter. De eigen truckservice bestaat al sinds 1981 en Groenenboom heeft het geluk over twee uitstekend gekwalificeerde monteurs te beschikken. Het containertransferium werd in 2009 in gebruik genomen. Inmiddels zijn hier al meer dan 10.000 containers afgehandeld. Groenenboom werkte in de loop der jaren samen met diverse bekende namen uit het transport en heeft op die manier een uitstekend netwerk om het werk te kunnen continueren. 

Tim de Jong

Al ruim een kwart eeuw actief als truck- en trailerjournalist, beschikt over alle benodigde papieren inclusief Code 95, over een scherpe pen en een altijd alerte camera.

Tim de Jong has 3270 posts and counting. See all posts by Tim de Jong

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.